Begin dit seizoen werd hij door coach Collard aanvoerder gemaakt van de Utrecht Dragons. Samen met de assistent captains Jerry Kinneging en Indy Bontan koos Collard ervoor om de verantwoordelijkheid te leggen bij drie Utrechtse jongens die mede voor de ruggengraat zorgen van het beleid van de club om toch vooral met jongens van de club te spelen.

Met de nieuw aangetrokken imports zag het seizoen er veelbelovend uit voor de Utrecht Dragons en zou er dit seizoen weer een verdere stap gemaakt moeten worden richting de bovenste regionen van de eredivsie. Een mooi gevoel dus ook voor Vince van de Kraak, die na omzwervingen bij Eindhoven, Den Bosch, Amsterdam en Den Haag in seizoen 21-22 weer terugkeerde bij de club waar hij ooit in de jeugd begon.

Waar de club inderdaad goed meedoet in de eredivisie en momenteel de vierde plek bezet, was het nog niet het seizoen van Van de Kraak. Hij maakt het begin van het seizoen nog mee, scoorde in 10 wedstrijden zeven keer en gaf negen assists, maar in november ging het mis tijdens een training en moet hij sindsdien noodgedwongen vanaf de kant toezien hoe zijn teamgenoten een mooie serie overwinningen neerzetten en afgelopen zaterdag voor het eerst weer eens tegen een nederlaag aanliepen.

Allereerst, wat is er gebeurd?

“Tijdens een training bij een beweging voelde ik iets in mijn arm. Bleek dat er een pees in de onderarm los was geschoten. Kon daardoor niet meer flexibel met mijn pols draaien. Dat moest helaas geopereerd worden, waardoor ik er zeker 10 tot 12 weken uit zou zijn. Eerst zes weken in een spalk, daarna weer de banden in je spieren opbouwen.”

Hoe gaat het nu met je?

“Gaat nu stukken beter, de spalk is er af en ik ben nu bezig met het sterker maken van de pols zodat deze weer flexibel wordt. De wond is goed geheeld.”

Hoe moeilijk is het om vanaf de tribune toe te kijken?

“Dat is het moeilijkste en vervelendste wat er is. Om naar je eigen team te moeten kijken, waar je normaal gesproken een onderdeel van bent op het ijs. Waar je zoveel ijsuren mee maakt. Dat wil je niet als sporter. Je wilt erbij zijn. Wat wel leuk is, is dat je op de tribune sneller ziet wat er misgaat, je hebt een mooie helicopterview. Daar kan je dan later toch weer het team mee helpen qua ondersteuning om dingen te verbeteren.”

Ben je nog wel betrokken bij het team?

“Ik heb met de staf besproken dat ik er zoveel mogelijk bij betrokken blijf. Zo ben ik elke wedstrijd gewoon aanwezig, reis met de bus mee naar de uitwedstrijden. Op de trainingsavonden ben ik er ook gewoon bij in de kleedkamer. Als de jongens het ijs op gaan, ga ik naar de overkant naar onze sponsor Newstyle om daar zelf aan mijn conditie te werken zodat ik verder fit blijf. Na afloop douche ik gewoon weer mee zodat ik ook de kleedkamerhumorbeleving in stand houd.

Maar soms is het lastig, als je tijdens een wedstrijd ziet dat je ook gewoon een rol in het team had kunnen hebben. Hoewel je er niets aan kunt doen, voel je je soms ook een beetje schuldig dat je niet op het ijs staat. Die betrokkenheid is ook wel mooi en niet alleen vanwege het feit dat ik aanvoerder bent. Je wilt er gewoon zijn voor je team.”

Hoe vind je dat het team het doet?

“Hahaha, op het moment dat ik wegviel gingen ze een winstreak neerzetten van zeven wedstrijden. Dus dan vraag je je wel af of ze je nog nodig hebben. Nee, het gaat natuurlijk goed, prestaties zijn uitstekend al was het verlies tegen Amsterdam natuurlijk een tegenvaller. De hal zat vol en dan hoop je dat je wat meer kan laten zien. Als je naar de statistieken kijkt, dan zijn 15 schoten op doel wel teleurstellend. Maar daar moeten we de verbeterpunten uithalen richting de toekomst. Uiteindelijk wil je dat het steeds beter gaat.”

Wanneer verwacht je weer actief te kunnen zijn op het ijs?

“Ik heb deze week voor het eerst weer op het ijs gestaan. De pols gaat vrij goed. Vorige week kon ik de pols voor zo’n 65% draaien, nu is dat al verbeterd naar 80 tot 90%. Als je me vorig week had gevraagd, dan had ik er een stuk pessimistischer ingezeten, nu heb ik echt hoop om er voor de play-offs al weer te staan. Al moet ik nog wel een beetje voorzichtig daarin zijn en het wel stap voor stap te bekijken.”

Zaterdag de uitwedstrijd tegen Geleen. Wat verwacht je daarvan?

“Geleen is een hard werkend team, dat je niet mag onderschatten. Ze hebben een aantal jongens die makkelijk scoren (onder andere Del Vecchio, 39 goals, 16 assists). Ze hebben recentelijk nog gewonnen van Den Haag en Den Bosch, dus we moeten zeker op onze hoede zijn. Maar de verwachting is wel dat we deze wedstrijd in winst om kunnen zetten, zeker als je naar onze ambities kijkt en hoe het team draait. Na Amsterdam moeten we de draad weer oppakken.”

Foto’s: Daan Kalksma